Volgens wetenschappers zal de komende tien jaar ongeveer 125.000 hectare Nederlandse landbouwgrond verzilten door de stijging van de zeespiegel, zoute kwel en verdroging als gevolg van de wereldwijde klimaatverandering. Voor boeren leidt dat tot grote problemen omdat veel groentes en ook veel aardappelrassen dan niet meer geteeld kunnen worden. In Zeeland kunnen sommige boeren hun land al niet meer gebruiken voor aardappelteelt. Zonder de zilte aardappel zijn boeren aangewezen op kostbare energie-intensieve maatregelen zoals het met zoet water doorspoelen van de gebieden waar de gewassen worden geteeld.
Op het Zilt Proefbedrijf van Marc van Rijsselberghe nabij het plaatsje Den Hoorn bleek vorig jaar dat van de zes gekweekte aardappelrassen er twee waren die enigszins tegen zout bleken te kunnen. Dit jaar lijkt één van de 26 gekweekte rassen ,,veelbelovend”. De 26 nieuwe rassen zijn ontwikkeld door de aardappelkwekers Biemond uit Eenrum en Fobek uit Sint Annaparochie.
Wetenschapper Arjen de Vos van de Vrije Universiteit is voorzichtig positief over de resultaten. ,,Uit een eerste test op het loof, bleek het veelbelovend ras met kop en schouders boven de rest uit te steken qua groei en kwaliteit. Nu moet blijken of ook de aardappel zelf goed gedijt. Het gaat immers uiteindelijk om het eetbare deel. Als dit zo is, dan schijnt er licht aan het einde van de tunnel.”
Volgens Peter Keijzer van Fobek is het vinden van een zilte aardappel een grote doorbraak. “Het is een van de sleutels tot succes in de verregaande verzilting van landbouwgrond. Van nature bestaan er zouttolerante en eetbare gewassen. Kijk maar naar zeekraal en lamsoor. Maar economisch en maatschappelijk gezien heeft een aardappel veel meer waarde, want dagelijks eten miljoenen mensen over de hele wereld dit gewas.”
Zelfs als die succesvol is, zal de consument nog jaren moeten wachten op de nieuwe aardappel. Niet alleen moet een nieuw ras groen licht krijgen van de autoriteiten, er zal allereerst begonnen moeten worden met pootgoed. Optimisten onder de onderzoekers denken dat het nog zeker drie tot vier jaar duurt voor de zilte pieper op het bord ligt. Anderen denken dat dit pas over tien jaar mogelijk is.
Volgen van Rijsselberghe van het Zilt Proefbedrijf kan de zilte aardappel uiteindelijk ook als streekproduct voor de Wadden op de markt komen. “Het in de markt zetten is de laatste stap in de ontwikkeling van zilte gewassen die ook erg belangrijk is. Het moet immers uiteindelijk ook in de winkels komen te liggen. In het Waddengebied zou een zilte aardappel misschien ook in aanmerking kunnen komen voor het streekkeurmerk Waddengoud, zodat je een uniek en bijzonder streekproduct hebt.”